LevenInStad.nl - Student en Stadjer
Nieuws
Karinda Drost en Mark Meijer, controleurs van de gemeente Groningen
“Wij zijn geen oppassers”
De gemeente Groningen inspecteert elke drie jaar of een kamerverhuurpand nog in aanmerking komt voor een vergunning. In de tussenliggende jaren vinden er onaangekondigde controles plaats: het werk van Karinda Drost en Mark Meijer.
Jullie bellen onverwachts aan. Hoe zijn de reacties?
MM: “De meeste studenten snappen wel waar wij voor komen. Een enkeling vraagt: ‘moet dat?’ Als de bewoners ons liever niet binnen hebben, nemen wij contact op met de huiseigenaar met het verzoek of hij de bewoners wil vragen ons volgende keer binnen te laten.”
Waar letten jullie op?
KD: “Wij kijken naar de staat van onderhoud en de brandveiligheid. Daarbij letten wij vooral op het gebruik van het pand. Hangt er geen kleding over een blusapparaat? Is de vluchtroute vrij? Verder kijken wij of het er schoon is. Kijk, als er een stapel afwas of etensresten op het aanrecht staan, hoeft dat niet meteen te betekenen dat het huis vies is. Je hebt snel door of iets structureel onhygiënisch is.”
MM: “Wij controleren alleen de gemeenschappelijke ruimtes, zoals de keuken. We kijken dus niet in de kamers, tenzij een student daarom vraagt. Het kan zijn dat iemand een gaskachel op zijn kamer heeft staan en ons vraagt of de gasafvoer wel deugt.
Als jullie langskomen wordt de vluchtroute vrijgemaakt. Maar wat gebeurt er als jullie weer weg zijn…
KD: “Tja, dat weten wij niet. Wij zijn natuurlijk geen oppassers. Uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid bij de huiseigenaar en de bewoners. Wij proberen mensen bewust te maken van waar zij mee bezig zijn. Dat zij kritisch naar hun woonsituatie kijken.”
Het huis moet schoon en brandveilig zijn. Maar wie is nu eigenlijk verantwoordelijk, de huisbaas of de bewoner?
KD: “De huisbaas moet ervoor zorgen dat het huis aan de wettelijke verplichtingen voldoet. Daarna is het aan de bewoners om dat zo te houden. Zij mogen bijvoorbeeld geen fietsen of andere obstakels op de vluchtroute zetten. Zelfsluitende deuren moeten dicht blijven. Maar het komt maar al te vaak voor dat ze gewoon openstaan omdat bewoners anders de deurbel niet horen. Dan leggen wij uit dat zelfsluitende deuren de brand tegenhouden.”
MM: “Ja, dat is wel belangrijk: wij controleren niet alleen, maar geven ook uitleg en advies. Bijvoorbeeld: weet hoe de vluchtroute loopt. Probeer maar eens met een blinddoek op je weg naar buiten te zoeken. Want als er brand uitbreekt, zie je niks. Wij wijzen bewoners op dat soort dingen. En studenten kunnen ons ook vragen stellen. Als zij klachten hebben over bijvoorbeeld een lekkage en de huiseigenaar doet daar niks aan, dan kunnen wij wat extra druk uitoefenen. Dat wil nog wel eens helpen.”
Krijgen bewoners nog wat van jullie bezoek te horen?
KD: “Zowel de huiseigenaar als de bewoners krijgen een brief met eventuele aanbevelingen en eisen. Een aanbeveling aan de bewoners kan zijn om een vettige afzuigkap schoon te maken. Dat is hygiënischer en veiliger. Of als de brandblusser in het pand niet zijn jaarlijkse keuring heeft gehad, krijgt de huiseigenaar vier weken de tijd om dat alsnog te regelen. Daarna komen wij nog eens langs.”
Hoe is het gesteld met de Groningse studentenhuizen?
MM: “Redelijk tot goed. De meeste studenten leven gewoon in een schoon huis en houden zich netjes aan de regels. De huizen van Albertus en Vindicat zijn het viest. Daar staat ook de meeste troep in de gang en bewoners er zijn wat laks en naïef. Vaak zijn het studenten die voor het eerst op zichzelf wonen en dan is het verantwoordelijkheidsgevoel nog ver te zoeken.”